You are on page 1of 7

Nr.

31 januari 2006 pagina 1


Het koninkrijk der hemelen is eenvoudigweg de heerschappij vanuit
de hemelen over de aarde (Dan. 4:26b).
Het Woord van de Gerechtigheid
Want ieder die nog van melk leeft, is onervaren in het woord van de gerechtigheid (St. vert.): hij is nog
een kind (Hebr. 5:13).
Het woord van de gerechtigheid staat in contrast tot de eerste beginselen van de uitspraken van God
(Hebr. 5:12). Het woord van de gerechtigheid duidt daarom op diepere waarheden waarin God handelt op
basis van Zijn gerechtigheid met ons.
Het Woord van de Gerechtigheid wil een bijdrage leveren om christenen vertrouwd te maken met de
vaste spijs (Hebr. 5:14) van het woord van God om geestelijke volwassenheid mogelijk te maken. Bijbelse
waarheden die nauwelijks worden onderwezen en van cruciaal belang zijn om het einddoel van het geloof
(1 Petr. 1:9) te bereiken, zullen in het bijzonder onderwerp van aandacht zijn.
Het Woord van de Gerechtigheid wordt geredigeerd door Roel Velema
e-mail: roel@velemaweb.nl
website: http://roel.velemaweb.nl/nl/wvdg/wvdg.aspx
Geweld en het Koninkrijk der Hemelen
De betekenis van Matths 11:11, 12 en Lucas 16:16
Voorwaar zeg Ik u: onder degenen, die van vrouwen geboren zijn, is niemand opgestaan meerder
dan Johannes de Doper; doch die de minste is in het Koninkrijk der hemelen, is meerder dan hij.
En van de dagen van Johannes den Doper tot nu toe, wordt het Koninkrijk der hemelen geweld
aangedaan, en de geweldigers nemen hetzelve met geweld (Matt. 11:11, 12 St. Vert.).
Voorwaar zeg Ik u, onder hen, die uit vrouwen geboren zijn, is niemand opgestaan, groter dan
Johannes de Doper; maar de kleinste in het Koninkrijk der hemelen is groter dan hij. Sinds de
dagen van Johannes den Doper tot nu toe breekt het Koninkrijk der hemelen zich baan en
geweldenaars grijpen ernaar (Matt. 11:11, 12 NBG).
In Matths 11:11 vergeleek de Heer de grootheid van J ohannes met de positie die de minste zal
innemen inhet koninkrijk der hemelen dat aan Isral werd aangeboden. Het koninkrijk der hemelen
is eenvoudigwegde heerschappij vanuit de hemelen over de aarde (Dan. 4:26b). Deze heerschappij
wordt momenteel vanuit de hemelen uitgeoefend door de satan en zijn engelen over de volkeren van
deze aarde. Deze heerschappij zal op deze wijze worden uitgeoefend totdat deze engelen met geweld
uit de hemelen op de aarde zullen worden geworpen (Openb. 12:8). In het daaropvolgende
Messiaanse tijdperk zullen Christus en zijn mede-erfgenamen vanuit de hemelen over deze aarde
heersen. Het zal dezelfde heerschappij zijn als vandaag: een heerschappij vanuit de hemelen over de
aarde. De uitdrukking het koninkrijk der hemelen kan daarom verwijzen naar het koninkrijk onder
de satan in het heden of Christus in de toekomst.
Nr. 31 januari 2006 Het Woord van de Gerechtigheid pagina 2
Het is momenteel niet mogelijk het koninkrijk der hemelen binnen te gaan,
want de satan en zijn engelen heersen nog in dit koninkrijk.
Aangezien het koninkrijk onder Christus toekomstig is, is er momenteel geen koninkrijk der
hemelen waarin een mens kan binnengaan, want dit koninkrijk wordt momenteel bezet door de satan
en zijn engelen. Slechts nadat de satan uit de hemelen is geworpen en hij gedwongen wordt de scepter
af te staan, kan de mens het koninkrijk der hemelen binnengaan.
In dit licht moet de uitspraak van de Heer in Matths 11:11 worden gezien. De Heer verwees
naar de positie van gelovigen op twee afzonderlijke tijdstippen: Johannes in deze tijd (wanneer het
koninkrijk der hemelen wordt uitgeoefend door de satan en zijn engelen), en anderenin de toekomst
(nadat het koninkrijk der hemelen in handen komt van Christus en zijn mede-erfgenamen).
De Heer wees op de grootheid van J ohannes in zijn dagen. Hij verklaarde, bij wijze van contrast,
dat wiede minste zal zijn in het toekomstige Messiaanse koninkrijk, groter (meerder) zal zijn dan
J ohannes in zijn dagen.
Het is duidelijk dat Christus in Matths 11:11 niet alleen over de toekomst sprak, want het is niet
correct dat J ohannes in het toekomstige koninkrijk der hemelen de minste zal zijn. We kunnen ook
niet zeggen dat J ohannes niet aanwezig zal zijn in het toekomstige koninkrijk (Matt. 8:11; Luc.
13:28,29). Zoals we reeds hebben gezien, kon een mens in de dagen van Johannes het koninkrijk der
hemelen niet binnengaan, want dit koninkrijk is tot op heden het domein van de satan en zijn gevallen
engelen.
De Here heeft de satan verslagen op Golgotha, maar de uitzetting van de satan uit zijn huidige
positie is toekomstig. In de dagen van J ohannes kon men het koninkrijk niet binnengaan; het
koninkrijk werd toen aangeboden, niet binnengegaan. Dit geldt ook voor christenen vandaag. Het
binnengaan in het koninkrijk was, zoals ook de uitzetting van de satan, toekomstig in de dagen van
J ohannes en het blijft ook vandaagtoekomstig voor christenen.
(Veel christenen denken abusievelijk dat de zeven gelijkenissen in Matths 13 te maken
hebben met een huidig koninkrijk in mysterievorm. Zij geloven dat zij het koninkrijk
binnengaan ten tijde van hun wedergeboorte en dat Christus Zijn koninkrijk uitbreidt in de
harten van de gelovigen. Deze christenen baseren hun binnengaan in het koninkrijk der
hemelen op Colossenzen 1:13, 14: Hij heeft ons verlost uit de macht van de duisternis en
overgebracht in het Koninkrijk van de Zoon van Zijn liefde, in wie wij de verlossing hebben,
de vergeving van de zonden.
Echter, het is momenteel niet mogelijk voor christenen het koninkrijk der hemelen binnen
te gaan, want de satan en zijn engelen heersen in dit koninkrijk, terwijl Christus en Zijn
mede-erfgenamenpas in de toekomst bezit zullen nemen van dit koninkrijk.
Het Griekse werkwoord voor overbrengen in Colossenzen 1:13 is methistemi. Het
werkwoord betekent verplaatsen [een berg verplaatsen (1 Cor. 13:2)]; [overbrengen in het
koninkrijk (Col. 1:13)], of uitzetten, ontzetten [ontzetten uit een functie (Luke 16:4)].
Om te begrijpen wat overgebracht in het Koninkrijk in Colossenzen 1:13 betekent,
moeten we Handelingen 13:22 vergelijken met verzen waar k het Griekse werkwoord
methistemi voorkomt.
Handelingen 13:22 gaat terug naar het boek 1 Samul, waar Saul werd verworpen [hij
werd uitgezet, ontzet] en David gezalfd om koning van Isral te zijn: "en nadat Hij deze
verworpen [uitgezet, ontzet] had, verwekte Hij hun David als koning, wie Hij ook dit
getuigenis gaf: Ik heb David, de zoon van Isa, gevonden, een man naar mijn hart, die al mijn
bevelen zal volbrengen".
Nr. 31 januari 2006 Het Woord van de Gerechtigheid pagina 3
De diverse vertalingen van Matths 11:12 laten wezenlijke verschillen zien.
Saul behield echter zijn koningschap tot zijn dood. Zijn verwerping [uitzetting] was
slechts Gods aankondiging dat zijn dagen als koning waren geteld. Saul zou, ergens in de
toekomst, opgevolgd worden door David die de troon dan zou bestijgen.
Nadat Saul was verworpen, maar nog steeds op de troon zat, zalfde Samul David tot
koning. Maar David besteeg niet direct de troon. Saul, alhoewel verworpen, bleef heersen. en
David zag zichzelf, niet door God, maar door mensen verworpen.
In die tijd sloten velen zich aan bij David en kwamen in dezelfde verworpen positie als
David: verworpen, verbannen en vervolgd.
De mannen die het koninkrijk van Saul hadden verlaten en zich bij David hadden
aangesloten, veranderden van positie op dezelfde wijze als in Colossenzen 1:13. In die tijd
bestond er geen koninkrijk onder David, en er is in deze tijd geen koninkrijk onder Christus,
waarin christenen zijn geplaatst. In de dagen van David bekleedde Saul de troon, zoals de
satan momenteel de troon bekleedt. David verwachtte de troon, zoals Christus ook de troon
verwacht. De mannen die met David in zijn verwerping deelden, wachtten een plaats in het
koninkrijk van David. Op dezelfde wijze wachten de mede-erfgenamen van Christus een
positie in het toekomstige koninkrijk der hemelen.
Handelingen 13:22 vormt daarom de type van Colossenzen 1:13, de antitype. En de type
en de antitype moeten in de Schrift altijd met elkaar overeenstemmen.
Het overbrengen in Colossenzen 1:13 is daarom een verplaatsing van de macht en het
gezag van de satan naar de verworpen positie van de Koning die de satan zal vervangen. Het
heeft niets te maken met het verplaatsen in een positie waarin de Koning al macht en gezag
uitoefent. Dat is onmogelijk, omdat de huidige bediening van Christus die van Hogepriester is
in de hemelse tabernakel. Pas na deze bedeling zal Christus de taak uitoefenen van Koning-
Priester naar de ordening van Melchizedek, nadat Hij het koningschap heeft aanvaard
(Openb. 19:6).
Christus is momenteel geen Koning en er daarom is de openlijke manifestatie van het
koninkrijk nog toekomstig. Onze wedergeboorte brengt ons echter innerlijk wel onder de
heerschappij van Christus en is daarom Zijn koninkrijk in ons (Luc. 17:21 S.V.).)
Matths 11:12 eist onze bijzondere aandacht, want de diverse vertalingen laten wezenlijke
verschillen zien. We zullen daarbij ook enige Engelse vertalingen onder de loep nemen.
We komen tot het volgende overzicht:
De King J ames (KJ V) vertaalt: the kingdom has been forcefully advancing.
De New International Version (NIV) vertaalt: the kingdom has been forcefully advancing.
De New American Standard Bible (NASB) vertaalt: the kingdom of heaven suffers violence, op
dezelfde wijze als de New English Bible (NEB): the kingdom of heaven has been subjected to
violence.
Er is een duidelijk verschil tussen het koninkrijk dat zich met geweld baan breekt (NBG, KJ V,
NIV), en het koninkrijk dat geweld wordt aangedaan (St. vert., NASB, NEB).
Dit noodzaakt ons de Griekse tekst te bestuderen om de correcte vertaling te bepalen en het vers
op de juiste wijze te begrijpen.
Nr. 31 januari 2006 Het Woord van de Gerechtigheid pagina 4
Christus zal pas Koning zijn vanaf Openbaring 19:6,
als Hij Koning-Priester zal zijn naar de ordening van Melchizedek.
Het Griekse werkwoord waar het om gaat, is biazoo (Jioo) en komt voor in Matths 11:12
en in Lucas 16:16. Lucas 16:16 en Matths 11:12 zijn parallelverzen.
Het werkwoord verwijst altijd naar geweld. Het Griekse werkwoord bia (Jio) betekent
gewoonweg geweld (vgl. Hand. 24:7; 27:41).
Het probleem in Matths 11:12 en Lucas 16:16 heeft te maken met de grammaticale vormen van het
werkwoord. Deze vormen verwijzen naar de relatie tussen het onderwerp en het werkwoord.
In de actieve vorm (het onderwerp voert de handeling uit), betekent biazoo gewelddadig
behandelen, overweldigen. In de passieve vorm (het onderwerp ondergaat de handeling), betekent
biazoo met geweld worden behandeld.
Naast de actieve en passieve vorm van het werkwoord, kent het Grieks ook eenmediale vorm.
Deze vorm staat normaal gesproken tussen de actieve en passieve vorm van het werkwoord.
In de mediale vorm is het onderwerp minder actief, maar niet helemaal passief.
Een voorbeeld van de actieve vorm is: de priester offert (voor anderen). Een voorbeeld van de
passieve vorm is: de stier wordt geofferd.
Voorbeelden van de mediale vorm zijn: de koning offert [voor zichzelf (reflexieve betekenis)], of
Christus offerte Zichzelf (reflexieve betekenis).
In Matths 11:12 moet de vervoeging van het werkwoord biazoo een mediale of passieve vorm
zijn, want deze twee vormen zijn in de tegenwoordige tijd (praesens indicativus) van dit werkwoord
gelijk.
Om het nog ingewikkelder te maken, in het Nieuwe Testament heeft bijna 75% van de mediale
vormen een actieve betekenis. Dit geldt ook voor het werkwoord biazoo.
In de mediale vorm, met actieve betekenis, betekent biazoo gewelddadig behandelen.
In Matths 11:12 en Lucas 16:16, moet daarom bepaald worden of deze verzen vertaald moeten
worden met met geweld worden behandeld (passieve vorm) en/of gewelddadig behandelen
(mediale vorm [met actieve betekenis]).
Deze keuze is belangrijk, want de passieve en mediale vormen leiden tot verschillende
schriftverklaringen.
1. Matths 11:12a
Laten we eerst naar Matths 11:12a kijken, de eerste helft van het vers:
Sinds de dagen van Johannes den Doper tot nu toe breekt het Koninkrijk der hemelen zich baan
... (Matt. 11:12a NBG).
We komen tot het volgende overzicht:
Matths 11:12a
mediale vorm (met actieve betekenis) breekt het baan (NBG)
forces its way forward (KJ V)
forcefully advancing (NIV)
Nr. 31 januari 2006 Het Woord van de Gerechtigheid pagina 5
Bijna zonder uitzondering weerhouden geestelijke leiders hun kudde ervan
om het aanbod van het toekomstige koninkrijk der hemelen aan te nemen.
passieve vorm wordt het geweld aangedaan (St. vert.)
suffers violence (NASB)
subjected to violence (NEB)
Er zijn duidelijke theologische problemen om in Matths 11:12 biazoo te zien als een mediale
vorm met actieve betekenis. Het koninkrijk van God breekt zich niet met geweld baan. Het koninkrijk
werd/ wordt aangeboden, eerst aan Isral, en later aan de ene nieuwe mens in Christus (Ef. 2:15).
Bij de eerste komst van Christus zien we van tijd tot tijd dat Hij zich sterker toonde dan de macht
van de satan (vgl. Matt. 12:28), maar dat betekent niet dat het koninkrijk zich momenteel met geweld
baan breekt.
De passieve vorm van biazoo sluit wel goed aan in Matths 11:12. In Matths 23:13 zien we
dat de Farizeen gewelddadig waren. In Lucas 20:14 zien we hoe ver deze godsdienstige groep ging in
de toepassing van geweld.
Toen het koninkrijk der hemelen geweld werd aangedaan (St. vert.), betekende dat de
boodschappers van dat koninkrijk geweld werden aangedaan. Kijk eens naar J ohannes de Doper en
Paulus, hoe waar dit was. Het koninkrijk der hemelen zelf werd geen geweld aangedaan, want de
heerschappij van de satan en zijn engelen bleef ongewijzigd. Maar als het ging omhet aanbod van
het koninkrijk aan Isral, en later aan christenen, kwam geweld duidelijk in beeld.
Dit is waar Matths 23:13 over gaat. De Farizeen gebruikten alle middelen om het J oodse volk
weg te houden van het aanbod van het koninkrijk der hemelen. Het volk werd onderworpen aan
geweld om te voorkomen dat zij het aanbod zouden aannemen om het toekomstige hemelse koninkrijk
binnen te gaan.
Hetzelfde zien we vandaag wanneer het woord van het koninkrijk wordt verkondigd. Bijna zonder
uitzondering wordt deze boodschap geweld aangedaan en weerhouden geestelijke leiders hun kudde
ervan om het aanbod van het toekomstige koninkrijk der hemelen aan te nemen.
2. Matths 11:12b
Laten we nu naar Matths 11:12b kijken, de tweede helft van het vers:
en geweldenaars grijpen ernaar. (Matt. 11:12b NBG).
Het Griekse werkwoord dat in dit tweede deel van het vers wordt gebruikt, is harpazoo
(o~oo). Het werkwoord betekent geweld uitoefenen op, werkrukken, (weg)roven. Het
werkwoord komt drie keer voor in J ohannes 10, waar de wolf de schapen rooft (vers 12). In vers 28
en 29 lezen we dat niemand de schapen kan wegrukkenof roven uit de handen van de Goede
Herder. Dezelfde gedachten zien we in Matths 23:13, waar de Farizeen het aanbod van het
koninkrijk der hemelen probeerden te onderdrukken en de Isralieten ervan wilden beroven.
Matths 11:12 centreert zich daarom rond het aanbod van het koninkrijk der hemelen. Dit
koninkrijk wordt geweld aangedaan in de zin dat gewelddadige lieden het aanbod van dit koninkrijk
proberen weg te rukken en te voorkomen dat mensen dit aanbod aannemen.
Het werkwoord harpazoo levert het volgende overzicht:
Nr. 31 januari 2006 Het Woord van de Gerechtigheid pagina 6
Lucas 16:16 is een parallelvers van Matths 11:12.
Matths 11:12b
geweldenaars grijpen ernaar (NBG)
wordt het geweld aangedaan (St. vert.)
the violent take it by force (KJ V)
violent men take it by force (NASB)
forceful men lay hold of it (NIV)
3. Lucas 16:16
In Lucas 16:16 lezen we:
De wet en de profeten gaan tot Johannes; sinds die tijd wordt het evangelie gepredikt van het
koninkrijk Gods en ieder dringt zich erin (Luc. 16:16 NBG).
De Wet en de Profeten gaan tot aan Johannes; sindsdien wordt het koninkrijk van God
verkondigd, en een iedereen wordt met klem uitgenodigd binnen te gaan (Luc. 16:16 NBV).
De wet en de profeten zijn tot op Johannes; van dien tijd af wordt het Koninkrijk Gods
verkondigd, en een iegelijk doet geweld op hetzelve (Luc. 16:16 St. vert.).
De wet en de profeten zijn tot op Johannes; van dien tijd af wordt het Koninkrijk Gods
verkondigd, en een ieder doet geweld daarop (Luc. 16:16 St. vert. 1977).
In Lucas 16:16, het parallelvers van Matths 11:12, zien we hetzelfde probleem als in Matths
11:12a.
Moet biazoo vertaald worden als mediale vorm met actieve betekenis, of als passieve vorm?
We komen tot het volgende overzicht:
Lucas 16:16
Mediale vorm (met actieve betekenis) iedereen dringt zich erin (NBG)
everyone is forcing his way into it
iedereen wordt met klem uitgenodigd binnen
te komen (NBV)

ieder doet geweld daarop (St. Vert. 77)


everyone exercises force on it
passieve vorm iedereen wordt erin gedrongen
everyone is being pressed into it
In Lucas 16:16 kan harpazoo niet beschouwd worden als een passieve vorm, in de zin dat iedereen
erin wordt gedrongen. Er zijn ook geen bekende of gangbare vertalingen die de passieve vorm
hanteren.
Binnen de mediale vorm met actieve betekenis, zien we echter wel een belangrijk onderscheid in
vertaling.
Nr. 31 januari 2006 Het Woord van de Gerechtigheid pagina 7
Het aanbod van het koninkrijk der hemelen ondervindt geweld,
niet het binnengaan van dat koninkrijk.
De eerste lijn is de vertaling iedereen dringt zich erin (NBG) en iedereen wordt met klem
uitgenodigd binnen te komen (NBV).
De tweede lijn is een ieder doet geweld daarop (St. vert. 1977).
De eerste lijn is niet in overeenstemming met Matths 11:12a, want geweld heeft geen betrekking op
het ingaan van het koninkrijk, maar op het aanbod van het koninkrijk.
De tweede lijn, de Statenvertaling, lijkt de goede vertaling. Hieruit blijkt ook de waarde van
parallelverzen. Zij doen dienst om het complete beeld te krijgen (vergelijk ook Ef. 5:18 en Col. 3:16,
waar de vervulling met Gods Geest parallel loopt met het woord van God dat rijkelijk in ons moet
wonen).
Een punt van aandacht is nog de vertaling van erin (NBG) of binnen (NBV) en daarop (St.
vert.). Dit is de vertaling van het Griekse voorzetsel eis (s). In de eerste plaats betekent eis een
beweging in een plaats of voorwerp. Maar een beweging op een plaats of voorwerp is ook mogelijk.
Om een harmonieus beeld te krijgen van Matths 11:12 en Lucas 16:16, lijkt de Statenvertaling
de correcte vertaling.
Concluderend, de minste in het toekomstige koninkrijk der hemelen zal groter zijn dan Johannes de
Doper in zijn dagen. Om echter het koninkrijk straks binnen te gaan, moeten we waardig dat
koninkrijk hebben gewandeld (2 Thess. 1:5). Toewijding aan Christus en lijden voor Hem zijn
daarvoor een voorwaarde. Dit gold in de dagen van J ohannes de Doper en dit geldt in onze dagen.
Sommige christenen zullen andere christenen met geweld beletten om het aanbod van het
koninkrijk der hemelen aan te nemen. Hoewel Christus op een dag de kroon van de satan met geweld
zal ontrukken, betekent dit niet dat het ingaan in het koninkrijk ook met geweld zal plaatsvinden.
Het is niet het binnengaan in het koninkrijk der hemelen, maar het aanbod van dat het koninkrijk
dat geweld ondervindt van gewelddadige gelovigen om te voorkomen dat andere gelovigen dit aanbod
aannemen.